Dit verhaal vertelt hoe een van de meest invloedrijke klimaatartikelen, het zogenaamde ‘Wedges-rapport’, 1 tot stand kwam dankzij de steun van een bedrijf dat een van de belangrijkste oorzaken van de klimaatcrisis is en een aanzienlijk financieel belang heeft bij de uitkomst van de technologieën die in het rapport worden beschreven. 2 Het maakt deel uit van een breder onderzoek door de onafhankelijke nieuwsmedia ProPublica en Drilled 3 4 naar hoe de fossiele brandstofindustrie heeft bijgedragen aan het sturen van de wereldwijde reactie op klimaatverandering door miljarden dollars te investeren in onderzoek aan topuniversiteiten. 5 Sinds de jaren negentig hebben oliemaatschappijen onderzoekscentra gesponsord, kantoren op campussen gehad, de salarissen van wetenschappers betaald en, in ten minste één geval, 6 vetorecht gehad over wat wetenschappers met hun geld mochten onderzoeken.
De gevolgen van deze inspanningen zijn inmiddels zo diep verankerd in ons begrip van hoe we klimaatverandering moeten aanpakken, dat het moeilijk is om je een andere weg voorwaarts voor te stellen. Zelfs de VN blijft in haar beoordeling van hoe we met de dreiging van klimaatverandering moeten omgaan, hoop vestigen op het afvangen en opslaan van enorme hoeveelheden koolstofvervuiling.
“Het liet het oplossen van klimaatverandering mogelijk lijken, zelfs eenvoudig. Het beweerde dat de wereld niet hoefde te wachten op innovatie, omdat ze de middelen had om meteen aan de slag te gaan.”
Het ProPublica-artikel van Maddie Stone, Amy Westervelt en Katie Worth is grondig onderzocht en bevat verwijzingen naar e-mails en andere correspondentie tussen de auteurs van het ‘Wedges’-artikel en BP-topmensen. 7
Het ‘Wedges’-artikel
In 2004 publiceerden onderzoekers Robert Socolow en Stephen Pacala van Princeton University een paper in Science dat een van de meest invloedrijke artikelen over klimaatverandering zou worden. Het artikel, getiteld ‘Stabilisation Wedges: Solving the Climate Problem for the Next 50 Years with Current Technologies’, 8 sloeg een optimistische toon aan. Het stelde dat we klimaatverandering kunnen aanpakken met de technologie die we al hebben. Het was niet nodig om te blijven wachten tot er nieuwe ideeën zouden opduiken of om de wereldeconomie volledig om te gooien. Het idee verspreidde zich als een lopend vuurtje en werd meer dan 3.000 keer geciteerd. Het kwam voor in Al Gores Oscarwinnende documentaire An Inconvenient Truth, werd gebruikt in VN-rapporten over klimaatverandering, werd onderwezen aan universiteiten in het hele land en werd zelfs omgezet in een bordspel.
Socolow en Pacala introduceerden het concept van ‘klimaatstabilisatiewiggen’ om mogelijke scenario’s voor het tegengaan van klimaatverandering te beschrijven. Ze presenteerden verschillende soorten maatregelen om de CO₂-uitstoot te verminderen. Als je deze wiggen op elkaar legt, vormen ze een ‘stabilisatiedriehoek’. Deze driehoek laat zien hoeveel koolstof er naar schatting uit de atmosfeer moet worden gehaald om te voorkomen dat de koolstofconcentratie in de lucht tot gevaarlijke niveaus stijgt. Dit raamwerk wordt gebruikt om informatie te ordenen over hoe je de koolstofuitstoot kunt verminderen. Het wordt gebruikt om deze informatie aan beleidsmakers en het publiek te presenteren. Het doel is om technologische veranderingen en beleidsmaatregelen te stimuleren.

9
In de Pacala-Socolow-wigbenadering zou elk van de zeven voorgestelde strategieën – als ze gedurende vijf decennia worden ingezet en uitgebreid – tegen 2054 een miljard ton aan jaarlijkse CO₂-uitstoot voorkomen. Samen zouden deze zeven wiggen de wereldwijde uitstoot op het niveau van 2004 houden, waardoor de CO₂-concentraties in de atmosfeer onder het dubbele van het pre-industriële niveau blijven. In die tijd lag de nadruk in het klimaatbeleid op het stabiliseren van de concentraties, in plaats van op temperatuurdoelen of toezeggingen voor netto-nuluitstoot. 10
In hun artikel legden ze uit:
„Wiggen kunnen worden gerealiseerd door energie-efficiëntie, door de decarbonisatie van de elektriciteits- en brandstofvoorziening (door middel van brandstofverschuiving, koolstofafvang en -opslag, kernenergie en hernieuwbare energie), en door biologische opslag in bossen en landbouwgrond. We bespreken 15 verschillende voorbeelden van opties die al op industriële schaal worden toegepast en die verder kunnen worden opgeschaald om ten minste één wig te realiseren.”

9
De auteurs waren optimistisch en dachten dat technologieën zoals koolstofafvang en -opslag (CCS) technisch en economisch haalbaar waren en inderdaad op tijd en op voldoende schaal konden worden ingezet om het klimaat te redden. “De mensheid beschikt al over de fundamentele wetenschappelijke, technische en industriële kennis om het koolstof- en klimaatprobleem voor de komende halve eeuw op te lossen.” 11
De invloed van de fossiele brandstofindustrie
Wat de meeste lezers zich niet realiseerden, was dat dit baanbrekende artikel sterk beïnvloed was door BP, de Britse oliegigant — een van de bedrijven die het meest verantwoordelijk zijn voor het veroorzaken van de klimaatcrisis. Uit onderzoek van ProPublica en Drilled 2 bleek dat leidinggevenden van BP verschillende conceptversies hadden bekeken, redactionele wijzigingen hadden voorgesteld en tijdens het hele schrijfproces nauw met de auteurs hadden samengewerkt. Dit roept serieuze vragen op over academische onafhankelijkheid, de invloed van bedrijven op de wetenschap en of belangen in fossiele brandstoffen de wereldwijde reactie op de klimaatcrisis voor een hele generatie hebben bepaald.
Eind jaren negentig pasten fossiele-brandstofbedrijven, met BP voorop, hun communicatiebeleid aan in reactie op de klimaatverandering. In 1997 brak John Browne, CEO van BP, met het patroon van klimaatontkenning in de olie-industrie door tijdens een toespraak aan de Stanford University publiekelijk klimaatverandering te erkennen. Terwijl BP zich terugtrok uit de Global Climate Coalition en zichzelf omdoopte tot „Beyond Petroleum“, voerde het bedrijf tegelijkertijd een strategie om de klimaatwetenschap zo te sturen dat deze aansloot bij het voortdurende verbruik van fossiele brandstoffen. In plaats van op te roepen tot een drastische vermindering van het olieverbruik, legde Browne de nadruk op efficiëntieverbeteringen en technologie voor koolstofafvang.
Deze aanpak weerspiegelde bredere inspanningen binnen de sector. In 1998 had het American Petroleum Institute al een communicatieplan opgesteld om relaties op te bouwen met wetenschappers die standpunten innamen die gunstig waren voor de sector. In 1999 begon Bernie Bulkin, hoofdwetenschapper bij BP, academische onderzoeksprogramma’s te zoeken die aansloten bij koolstofafvang en -opslag (CCS), een technologie die in theorie het voortgezette gebruik van fossiele brandstoffen mogelijk zou maken terwijl CO₂-uitstoot ondergronds wordt opgeslagen.
Bulkin koos Princeton University uit voor een belangrijk samenwerkingsverband, onder de indruk van de visie van professor Robert Socolow, die de energie-uitdagingen in kaart bracht zonder te eisen dat fossiele brandstoffen volledig zouden worden afgeschaft. In juni 2000 zegde BP ongeveer 15 miljoen dollar toe over een periode van tien jaar om het Carbon Mitigation Initiative (CMI) op te richten, waarbij Ford Motor Company nog eens 5 miljoen dollar bijdroeg. Hoewel het contract ogenschijnlijk de academische onafhankelijkheid beschermde, bleek uit interne documenten dat het initiatief was opgezet als „een plek om invloed uit te oefenen“ om de onderzoeksprioriteiten van de overheid mee te helpen bepalen. Tijdens de startbijeenkomst in het huis van de rector van Princeton werkten BP-functionarissen actief samen met wetenschappers om de onderzoeksfocus te sturen – wat een samenwerking onthulde die veel verder ging dan de gebruikelijke academische sponsoring.
Een voorbeeld: 12
Dat najaar [2003] reisde Pacala naar Londen om het raamwerk rechtstreeks aan Browne te presenteren. Tijdens de bijeenkomst op het hoofdkantoor van BP in Westminster stelde Browne voor om de ‘slices’ voortaan ‘wedges’ te noemen. “We dachten zoiets als: ‘Ja, wat jij maar wilt’,” herinnert Pacala zich. “‘Jij betaalt de rekeningen, maat.’”
Deze regeling illustreerde hoe oliemaatschappijen koolstofafvangtechnologie wilden positioneren als een overbrugging, waardoor belangen van de fossiele brandstoffenindustrie centraal konden blijven staan in klimaatoplossingen.
Hier een paar voorbeelden van de intensiteit van de samenwerking tussen de auteurs van het ‘Wedges’-artikel en de Britse oliemaatschappij BP. (Opmerking: Browne is de CEO van BP John Browne en Chris Mottershead is klimaatadviseur bij BP.)


Maddie Stone en haar medeonderzoekers ontdekten een conceptversie van het artikel waaruit bleek dat BP probeerde twijfel te zaaien over de legitimiteit van fundamentele klimaatwetenschap. Daarin werd die wetenschap omschreven als „voorlopig“ en werd toegevoegd dat „er nog grote onzekerheden bestaan“. Deze passages haalden de definitieve versie niet. Dat zou het artikel waarschijnlijk ongeschikt hebben gemaakt voor publicatie in Science. Toch vertoont het artikel elders duidelijk de vingerafdruk van BP, met name in de term ‘Wedges’, die door Browne zelf werd voorgesteld.
Pacala gaf toe dat er altijd risico’s zijn als je dicht bij de industrie staat, maar zei dat medewerkers van BP geen invloed had op de resultaten. In plaats daarvan dachten de onderzoekers dat ze BP hielpen zich voor te bereiden op klimaatverandering, wat volgens Pacala een goede zaak was. 12
Zo’n mate van afstemming is hoogst ongebruikelijk voor een belangrijk wetenschappelijk artikel over klimaatverandering. Benjamin Franta, hoogleraar klimaatgeschillen aan de Universiteit van Oxford, zei dat de relatie „haaks staat op het idee van academische onafhankelijkheid“. Zijn collega uit Princeton, Michael Oppenheimer, was het ermee eens dat Mottersheads aanhoudende feedback op wetenschappelijke ideeën „te ver gaat“ en „onaanvaardbaar“ is.
Dit soort initiatieven zijn een belangrijk onderdeel van de bredere strategie om de acceptatie van fossiele brandstoffen als essentieel onderdeel van de energietransitie te bevorderen. In Europa hebben bedrijven in fossiele brandstoffen veel belangen bij het transitiebeleid. Uit een artikel in The Guardian uit 2025 13 bleek dat Europese „groene“ beleggingsfondsen voor 33 miljard dollar aan beleggingen hebben in grote olie- en gasbedrijven. In een reactie zei Richard Heede van het Climate Accountability Institute: 14
“Het is ronduit duivels dat banken en vermogensbeheerders miljarden investeren in grote fossiele-brandstofbedrijven onder het mom van ‘groen beleggen’, terwijl we juist de investeringen moeten versnellen in koolstofvrije en koolstofarme energie, in koolstofefficiëntie en in technologieën voor koolstofverwijdering.”


“‘Wedges’ werden al snel onderdeel van de tijdgeest”, schrijven Stone et al. Al Gore sloot zijn film ‘An Inconvenient Truth’ af met een optimistische noot. “Amerikanen hoeven niet te wanhopen, zei hij, want ‘we weten al alles wat we moeten weten om dit probleem effectief aan te pakken.’ Terwijl hij sprak, verschenen achter hem op een scherm de openingswoorden van het artikel van Socolow en Pacala – precies dezelfde woorden die Mottershead had voorgesteld om bovenaan te zetten.”
“In 2006 schreven Pacala en Socolow er een populair artikel over voor Scientific American. BP sloot zich daarbij aan en plaatste een paginagrote advertentie. In 2007 bracht Princeton een online ‘Wedges’-spel uit, waarvoor Pacala in zijn garage een prototype had gebouwd van houten planken. Middelbare scholieren, bedrijfsleiders en beleidsmakers speelden het. Universiteitsprofessoren verwerkten het klimaatplan van Princeton in hun lessen door het hele land. Geoffrey Supran, een expert op het gebied van klimaatdesinformatie aan de Universiteit van Miami, zegt dat het artikel ‘verplichte lectuur’ was toen hij nog een masterstudent was aan het MIT.”
Wetenschappelijke kritiek en gevolgen
Hoewel het ‘Wedges’-artikel erg invloedrijk was, met name bij beleidsmakers wereldwijd, werd het vanaf het begin bekritiseerd door hun wetenschappelijke collega’s.
Vroege kritiek op het ‘Stabilization Wedges’-artikel van Pacala en Socolow uit 2004 richtte zich op een aantal belangrijke beperkingen:
- Te veel optimisme over schaalbaarheid: Critici stelden dat het artikel de fysieke, economische en politieke uitdagingen onderschatte om technologieën zoals kernenergie en koolstofafvang binnen 50 jaar op het vereiste niveau op te schalen.
- Afhankelijkheid van steenkool: Het raamwerk kreeg kritiek omdat het „wedges“ bevatte die uitgingen van een overstap van steenkool naar gas of het afvangen van steenkooluitstoot. Critici vonden dat dit de infrastructuur voor fossiele brandstoffen in stand hield in plaats van een volledige overgang naar hernieuwbare energie te bevorderen.
- Kosten en haalbaarheid: Economen en ingenieurs merkten op dat het artikel verschillende technologieën als gelijkwaardige „wedges“ behandelde, zonder volledig rekening te houden met hun enorm uiteenlopende kosten, implementatiesnelheden en problemen rond maatschappelijke acceptatie (met name voor kernenergie).
- Statische referentie: Sommigen stelden dat de ‘business-as-usual’-referentie die werd gebruikt om de ‘wedges’ te berekenen, gebrekkig was, waardoor het gemak van stabilisatie mogelijk werd overschat in vergelijking met meer dynamische economische modellen.
Klimaatwetenschapper Ken Caldeira, Marty Hoffert, hoogleraar natuurkunde aan de New York University, en anderen schreven in een kritische analyse uit 2013, Rethinking wedges: 15
“Een ongelukkig gevolg van het ‘Wedges’-artikel was dat de oplossing eenvoudig leek.”
Ze leverden expliciete kritiek op Pacala en Socolow in Rethinking Wedges en schreven dat het artikel ‘ons de indruk gaf dat het energie-koolstof-klimaatprobleem beheersbaar was’. Hoffert merkte op dat, hoewel ‘je mensen hoop moet geven’, hen ervan overtuigen dat ze klimaatverandering kunnen oplossen zonder fossiele brandstoffen af te schaffen, betekent dat ‘je met de auto van een klif afrijdt’. Hij concludeerde dat BP ‘waar voor zijn geld kreeg’.
Twee jaar voor ‘Wedges’ publiceerden Caldeira en Hoffert onderzoek in Science waarin ze concludeerden dat een ‘radicale herstructurering van het wereldwijde energiesysteem’ nodig was, en beschreven ze ‘ernstige tekortkomingen’ in bestaande technologieën.
Ondanks deze kritiek werd het artikel alom geprezen omdat het het klimaatprobleem opsplitste in beheersbare delen en aantoonde dat er technisch gezien oplossingen bestonden.
In het ‘Wedges’-artikel stond dat we al over alle technologie beschikten die we nodig hadden om het klimaatprobleem tot ver in de 21e eeuw op te lossen. Dat was toen niet zo, en dat is vandaag de dag nog steeds niet zo.
Uiteindelijk slaagde het ‘Wedges’-artikel er niet in om de voor de hand liggende conclusie te trekken dat klimaatverandering alleen kan worden gestopt door af te stappen van fossiele brandstoffen en van een op groei gebaseerde economie.
Meer lezen
De Klimaatwiki van Scientist Rebellion heeft een volledige wikipagina, ‘Wondermiddelen’, gewijd aan oplossingen voor klimaatverandering die op grote schaal worden gepromoot, maar bij nader inzien niet veel meer zijn dan een illusie. Een van die oplossingen is koolstofafvang en -opslag (CCS), dat een prominente rol speelt in het ‘Wedges’-artikel, maar tot nu toe slechts een minuscuul deel van de kooldioxide uit de atmosfeer heeft kunnen verwijderen, tegen aanzienlijke kosten.
- Pacala, S., & Socolow, R. (2004). Stabilization Wedges: Solving the Climate Problem for the Next 50 Years with Current Technologies. Science, 305(5686), 968–972. https://doi.org/10.1126/science.1100103[↩]
- Stone, M., Westervelt, A., & Worth, K. (2026, June 25). Beyond Denial: How Oil Execs Shaped a Landmark Climate Study. https://www.propublica.org/article/wedges-climate-research-bp-fossil-fuel-princeton[↩][↩]
- ProPublica is a nonprofit, investigative newsroom in the US that exposes corruption. They report in all 50 states and partner with local newsrooms. Their work spurs real-world impact and has received numerous awards, including nine Pulitzer Prizes.[↩]
- About Drilled https://drilled.media/about[↩]
- https://projects.propublica.org/carbon-captured/[↩]
- Note in Stone et al. (2026) https://web.archive.org/web/20220201063306/https://gcep.stanford.edu/about/projectselectionprocess.html[↩]
- Wedges — Documents underpinning the story “Beyond Denial: How Oil Execs Shaped A Landmark Climate Study,” by reporter Maddie Stone, part of an investigative series from Drilled and ProPublica called “Carbon Captured.” https://drilled.media/documents/38a8ac28-85cd-80a9-a82f-e537ecb3076f[↩]
- Pacala, S., & Socolow, R. (2004). Stabilisation Wedges: Solving the Climate Problem for the Next 50 Years with Current Technologies. Science, 305(5686), 968–972. https://doi.org/10.1126/science.1100103[↩]
- https://cmi.princeton.edu/resources/stabilization-wedges/slides-and-graphics/[↩][↩]
- https://rogerpielkejr.substack.com/p/another-pillar-of-climate-advocacy[↩]
- Pacala, S., & Socolow, R. (2004).[↩]
- Stone et al. (2026).[↩][↩]
- https://www.theguardian.com/environment/2025/may/18/revealed-european-green-investments-hold-billions-in-fossil-fuel-majors[↩][↩]
- https://climateaccountability.org/carbon-majors/[↩]
- Davis, S. J., Cao, L., Caldeira, K., & Hoffert, M. I. (2013). Rethinking wedges. Environmental Research Letters, 8(1), 011001. https://iopscience.iop.org/article/10.1088/1748-9326/8/1/011001 [↩]